Deze stapdag ga ik niet inkaderen. Ik kon evengoed op de Boomsesteenweg een toerke doen. Maar goed, ik vertrok heel vroeg want er vielen kilometers te vreten vandaag. 33 op de kop. Het hadden er 3 meer kunnen zijn tot in Santillas del Mar maar daar werd het te krap om nog te kunnen overnachten aan een billijke prijs. Reserveren blijkt noodzaak en ik heb de truuk gevonden ! Bellen voor dag + 2 en doorgaans kom ik dan terecht.
Het was dus vroeg. Om 7 uur trok ik de deur dicht van Santander Central Hostel. Het desayuna werd maar eerst om 8u geserveerd. Voor een minivlootje boter en confituur en een stukje baget ga ik niet in de rij staan dus ik vertrok.
Het is mooi om een stad te zien ontwaken. De strofen uit het liedje van Jacques Dutronc 'Paris s' éveille' gelden als geheugensteuntjes om je hierbij opmerkzaam te maken. Een straatveger die aan zijn job begint, een dronkenlap in de goot, gehaaste mensen, taxichauffeurs die met elkaar een praatje maken, leunend op hun geopend portier De lampen van autos, rood en wit, die linten van licht trekken langs de brede boulevards terwijl het ochtendgloren stilaan de duisternis verjaagd.
Eens Santander uit werd het een saaie boel. Constant verharde paden langs drukke verkeersaders. Hier en daar een heuvel op, niet te veel deze keer. Dat zou er nog moeten bijkomen.
Voor een groot deel van de weg had ik het gezelschap van Nathalie, een Canadese uit Montréal. Ze deed in immobiliën. Veel zin voor humor en dan gaat het goed vooruit. Ik moest wel goed m'n oren openhouden om dat Frans met dat Canadese accent te verstaan. Ze stapte voort toen ik even ging rusten. Zo hoort het, niet aan mekaar blijven plakken. We komen mekaar nog tegen.
Op 5km van de Albergue kreeg ik een whatsapp van Rolf binnen. Via whatsapp en google maps kan je een volgverzoek sturen naar je correspondent. Je ziet dan van mekaar waar elkeen zit op een stratenplan. Dit gaat al ver vind ik. Negeren was de boodschap.
De albergue is netjes maar sober. Geen probleem. Avondeten was wel een probleem. Geen restaurantjes noch winkeltjes. Ik moest m'n voorraad aanspreken. Broodjes, tomaten van de herberg, chorizo, wat olijfolie en kruiden en voilà : een eersteklasmenu.
De herberg waar ik gisteren huisde bleek een begrip te zijn en tegelijkertijd ook een must wanneer je de Norte loopt. De uitbater, bezieler lijkt me een juister woord, is 85 jaar. Zelf heeft hij over alle continenten en verspreid in 80 landen gereisd. Gefascineerd door immigratie en verbitterd over de schrijnende toestanden die ermee verbonden zijn startte hij in 1999 een opvangcentrum op in de oude hoeve van zijn ondertussen gestorven ouders. Vrijwilligers kwamen er helpen en bouwden de hoeve mee uit tot een indrukwekkend geheel met 100, jawel 100 fantastische slaapgelegenheden. We werden er als pelgrims werkelijk in de watten gelegd. Een vrijwillige bijdrage volstond om te delen in de kost. De pelgrimstafel van gisteren voor 75 pelgrims bestond uit lekkere kippensoep, een smaakvolle risotto en fruit. Zelfs aan de vegetariers werd er gedacht. Er werd ook een samenzijn gehouden met alle pelgrims. Dit werd geanimeerd door de 85 jarige man en enkele vrijwilligers. Wat zang met gitaar anno Woodstock en een exposé van de bezieler. Ik onthoud enkele wijze woorden die hij sprak. "Ik ben 85 en oud en ben dankbaar dat ik zovele jaren heb kado gekregen. Jullie zijn hier met 18 nationaliteiten"... hij noemde ze 1 voor 1 op ... " en gemiddeld tussen de 25 en 40 jaar oud. Dat kado hebben jullie nog niet gekregen. Wees dankbaar voor elk jaartje dat erbij komt en wees goed voor mekaar ". Tot daar de prachtige ervaring in Albergue La Cabaña del Abuelo Peito.
Na het ontbijt vertrok ik richting Santander. De lange toer van 22km langs de kust waarvan 4 en een sjiek met de overzet. Geen overdreven cirkuswerk deze keer. 5km over de kliffen en lichtgolvend de kustlijn volgend, een andere 5km over het strand langs de vloedlijn. Af en toe moest ik me uit de voeten maken voor een aanrollende golf, het was immers vloed. Het stappen in duin- en strandzand vergt wel wat extra inspanning. Veel van je energie verspil je in het verplaatsen van zand in plaats van vooruit te gaan. Maar het blijft de moeite. En wat een verschil met onze stranden zeg ! Bijna de ganse Belgische kustlijn staat vol hoogbouwappartementen. Ten prooi gevallen aan woekerende bouwpromotoren. Schreeuwerige animatie in de badsteden, overvolle stranden en horecaprijzen om van achterover te vallen. De schoonheid van deze Cantabrische kust staat hierbij in schril contrast.
Gisteren maakte ik kennis met Clemence. Een toffe jonge dame uit Antwerpen. Goeie babbel mee gehad. Ze zoekt te gaan trekken in de Europese Natuurparken maar zoekt nog naar een geschikte modus om daarrond slaapgelegenheden te vinden.
Het liefst loop ik alleen en hou ik het contact met Rolf beperkt. Maar hij schijnt me te volgen tot het opdringerige toe. Hoe laat vertrek je ? Waar ga je morgen naar toe ? Ik haal je wel in als je nu vertrekt. Waar ga je eten ? Dat vind ik niet erg fijn en ik moet dan ook aan een diplomatische oplossing werken want het is een zachtaardige man. Het is mijn camino en die loop ik niet op het voorgekauwde schema van anderen. Maar dat loopt wel los.
Ondertussen heb ik me op een bankske neergeplaveid naast de havengeul. Prachtig panorama. Zeilbootjes, wandelaars op de promenade. Oceaanstomers aangemeerd aan de kade. Het kustgebergte in de verte waar nevelslierten de toppen sieren, het zachte weer. Ik zou het hier wel gewoon kunnen worden.
Santander is een grote stad. Er zijn beslist mooie dingen te zien maar ik verkies om goed uit te rusten tegen morgen. Dan staan er tussen de 30 en 35 km op de rol. Ik heb nog niet naar het hoogteprofiel durven kijken. Dat loopt wel los en ondertussen stappen we maar verder en verder. Steeds maar verder. Ultreya et suseia !
Dit is me ook weeral gelukt. 33km tot in Quimes. Zware kost weeral. Vooral de 'shortcuts' over de kliffen zijn hachelijke stukjes. Keien, steile hellingen en naast je de afgrond. Niet van de jongste meer zijnde moet je je niet meer meten met gasten van rond de 30. Die vliegen soms naar boven alhoewel ik er ook al ben tegengekomen die bekaf waren. Ik heb deze trippen iets onderschat maar goed, we gaan er nog steeds voor.
Later op de avond werd bed 2 en 3 van mijn kamer nog ingepalmd door nen Duits en een Spaanse senorita. Tot 1 uur 's nachts snurkte die zoals een betonmolen. Zulk een gasten tref je ook aan in de albergues. Ik was vroeg weg vanmorgen. Om 7u30 trok ik de gietijzeren deur van het klooster 'Casa de la Trinidad' achter me dicht. Ik wilde graag om 9 uur het ferrybootje naar Santona halen. De Rolf had het klooster niet meer gehaald en zou daar aan de ferry me opwachten. Ik dacht dat het 5km was tot aan dat bootje, dat was het ook en ik dacht ruim op tijd te zijn met om 7u30 te vertrekken. Niet dus. Op m'n GPS staat er een langere versie en daardoor werden het er 8. Door het mulle modderzand van een rivier. Het werd de boot van 9u30. Rolf stond aan al aan de overkant. Samen zijn we dan opgetrokken. Langs het mooiste strand van Cantabrië. De verleiding was groot om pootje te baden maar daarmee verhoog je de kans op blaren. Je vel wordt hierdoor te week.
Prachtig. Het mag dan een loodzware camino zijn, je wordt beloond met de prachtigste uitzichten. Elke keer opnieuw en steeds nieuwe indrukken. Nu mag je nog in het sjiekste hotel ter wereld over je balkon hangen, het uitzicht blijft onveranderd. En hier krijg je panoramas gratis op je bord. Je voelt het wel aan je voetjes.
De Rolf heeft er vandaag 42 gelopen. Die hangt in rafels uiteen. Morgen naar Santander neemt hij de kortste weg langs de kust. Ik heb daar ondertussen gereserveerd.
Rond 5 uur kwam ik dan uiteindeljk aan in de Herberg La cabane del pueblo peuto. Donativo voor slapen, avondeten (kippensoep en risotto). Dit is een reuzeherberg waarbij de vrijwilligers een passie hebben voor de pelgrim. Het is een gezellige lokatie. Groot ook, wel 100 nette bedjes. Hier in de herberg kwam ik weer enkele oude bekenden tegen. De Argentijnen, Sophie en de Kai. Ik ga stoppen of mijn lijf is niet uitgerust tegen morgen. Fotokes op de Polar Steps. Tot morgen.
Eloïsa, zo heette de hospitalera in Santullan. Ze mag wat mij betreft in de top 10 komen van de meest vriendelijke en behulpzame hospitalera. Een kraaknette herberg, frisdrank ter beschikking en een ontbijt om U tegen te zeggen. Je moet het maar doen. Heinz, ik noem hem Heinz omdat het een Duits is en ik zijn naam niet ken, dook gisterennamiddag de herberg binnen. Die mens was vrij corpulent, op het obèse af, en torste een rugzak van 35kg. Rolf ontfermde zich over hem en raadde hem aan om zeker 20kg overboord te gooien. Rolf meende zelfs dat hij nog nooit ggewandeld heeft. Nu heb ik al Facebookpelgrims gezien, dit keer was het de beurt aan een kamikazepelgrim. Bovendien sleurde hij een toestel mee om zijn nachtelijke apneus te voorkomen. Hoe hij dat moet regelen in de herbergen is maar de vraag. Daar zal zeker op gefoeterd worden. Vandaag zou hij nog een dag extra blijven bij Eloïsa om even te recapituleren. Hopelijk is hij verstandig en ziet hij in dat hij beter een andere vorm van pelgrimeren kiest. Erg gezond eten was er ook niet bij. Bij het ontbijt strooide hij puur zout op zijn confituur. Van eten gesproken, de pelgrimsmaaltijd van Rolf en Philippe, ook nen Duits, moet niet van al te bijstere kwaliteit geweest zijn. Vanmorgen klaagden ze allebei dat hun maag overhoop lag.
Het was een ferme boterham vandaag. 32 bornes en ik denk toch wel een 600 hoogtemeters. Ik was om 7u40 vertrokken met de Rolf. Rolf is een architect en trekt elk jaar voor een maand op tocht. In Castro moest hij een nieuw snoertje vinden dus ik nam afscheid. We zouden elkaar wel terug ergens tegenkomen. 't Is er niet van gekomen. Wel heb ik Arne terug ontmoet. Die trok op met Gerhard, ook weeral nen Duits, en Jess een Engels meisje uit Londen. Haar bood ik m'n condoléances aan voor haar overleden Queen. Tijdens m'n picknick maakte ik kennis met Mandy en haar dochter Winter. Zij komen uit Ohio. Dit stel is wel ontzettend sympathiek. Moederlief staat vol tattoos van draken en monsters.
Je voelt hier wel dat er voeten onder je lijf staan na zo een trip. En naar gewoonte zit het venijn in de staart. Al een hele tijd kon ik me sterk maken dat Laredo achter een uitdagende kustrots lag. Hopla na 25km naar 250m hoogte over keien en dan een kilometerke of 3 op de rotsrichel. Nee geen tapis plain maar opnieuw van die keien. De afdaling was ook niet mals maar ik ben er geraakt.
Ik zit in een klooster en betrap mezelf op gevloek. Het nonneke van dienst, in een wit habijt met een blauw-rood kruis erop doet de ontvangst. Ze spreekt alleen Spaans maar uit haar exposé over het reilen in de gemeenschap maak ik op dat ik naar de kerk moet gaan om 7u voor pelgrimswijding, om 9u nog eens voor de lauden. Geen wifi, enkel een kamer met 3 bedden een badkamer en wc. Ik kan enkel naar buiten via 1 deur waarvan ik de sleutel heb gekregen. Alle andere deuren zijn op slot. Fotokes zal ik dan maar morgen doorsturen. Ik zal ze wel op Polar Steps plaatsen. Tot morgen, van heir een serieuze gust ! Er komt zelfs een ferry aan te pas. Tot morgen. Nu even hier uit dit gevang breken en de omgeving verkennen. Kom Jan een beetje respect ! Je zit op een religieuze wei.
Op het gemakje kroop ik uit m'n bed deze morgen. Iedereen die al wakker rondliep begroette mekaar met een buenas dias. Onze madam uit Leiden liep iedereen straal voorbij. Wat een zuurpruim toch ! Koffieke, brood en weg. Een goeie 25 km naar Santallun.
Veel vlak, enkel op het einde een gestage klim naar 200m aan 10%. Dat viel best te doen. Het ging terug richting kust uit. Dit keer de Cantabrische kust en de Euskadi kust liet ik achter me. Met het mooie weer zag ik er naar uit om na al die bergen terug de zee te zien. Prachtig schouwspel. Ik trok met bottinnen en wandelstokken langs de vloedlijn. Een enig moment. De geur van de zee ! Diep snuiven, de jodium tot in het diepste van je longen trekken. Na het strand volgde er een wandeling op de kliffen tot bijna Castro Urdiales. Jongens, schoon dat dat hier is. Een zicht van zeker 50km breed over strand en kliffen. De Grote Kunstenares Moeder Aarde toverde schuimkopjes op de aanrollende golven wanneer ze braken op de rotsen. De hele Golf van Biskaje schitterde in het zonlicht. In de verte laģen grote tankers voor anker op de rede. Een rustig plaatje.
1974 zelfde tijdstip in de herfst. Matroos kok 'De Lossy' op de kustmijnenveger M928 stut met keggen zijn potten en pannen op het kombuis want er wordt storm verwacht in de golf van Biskaje. Alles wat loszit wordt verzegeld. Ik krijg opdracht om een boodschap te flashen naar de andere schepen van het flotielje. Ik snap het niet want het is in code. Daarna mag ik beschikken. De hel breekt los. Rollend en stampend houdt het schip koers. Een televisie dondert loodrecht naar beneden tegen het spant, zo hard rolt het schip over haar zij .... Alweer bijna 50 jaar geleden, het kwam me terug voor de geest toen ik die tankers daar zo vredig voor de rede zag liggen. De Golf van Biskaje is gekend voor erg zware zeegang bij noodweer.
Het pad liep naar Castro Urdiales helemaal in de klif uitgekerfd. Zo mooi die panoramas, je moet het gezien hebben.
Eerlijk gezegd had ik geen tijd gemaakt om te eten, ik bleef maar kijken
Rond 3 uur kwam ik aan un de herberg. Rolf een Zwitser met wie ik de laatste 5 km samenwandelde had eveneens op dezelfde herberg zijn zinnen gezet. Goeie babbel mee gehad, ik denk dat ik hem nog wel eens tegen zal komen.
Ondertussen heb ik al een pegrimsmenutje binnen. Ik kan gaan slapen. Een mooie herberg trouwens, ik heb het voor vandaag getroffen.
Voor vandaag werd het een makkie. 18km waarvan 15km plat en de rest licht golvend. Om 2u stapte ik al de albergue binnen. Voor ontbijt een croissantje met een Café Americano con leche. Daar kon ik even mee voort. Later zou ik hier of daar in een barretje nog wel een pinxtho versieren. In Bilbao waren er nog volop loop en fietswedstrijden aan de gang en dat veroorzaakte wat verwarring in de routekeuze. Hier en daar een versperring zodat ik moest omlopen. Toch moet ik ergens een brug ver voorbijgelopen zijn met tot gevolg dat ik op de rechteroever een weg moest zoeken. Ik was al te ver om nog terug te keren. Eigenaardig genoeg kwam ik na een kilometer of 6 terug de flechas ammarillo tegen, de gele pijlen die in de richting van SdC wijzen. Er moeten dus meerdere varianten bestaan want vooralsnog op zoek naar een brug had ik er geen meer tegengekomen. Oh ik had het rustig zeg ! De laatste 3km kreeg ik voortdurend ongevraagd advies hoe ik moest lopen. Een erg oude man dook zelfs tot 3 maal uit het niets op om me de weg te wijzen. Telkens hij me aansprak verdween hij weer om dan veel verder er ineens weer te staan. Raar alleszins. Op 2km van de meet kreeg ik compagnie van een oudere vrouw die me aansprak in het Spaans. Ik gebaarde van haar niet te verstaan maar ze week niet van me af en bleef maar doorratelen. Een paar 100 meter verder kwam een andere vrouw zich ook bemoeien met mijn reisweg. Ik maakte er uit op dat ik een heel andere richting uit moest. Het draaide bijna uit op ambras tussen de 2 dames. En maar tateren in het Spaans. Het hield niet op zelfs na ettelijke keren te kennen gegeven te hebben dat ik er geen jota van verstond. De laatst bijgekomen dame droop verontwaardigd af, de andere bleef me volgen. Op de duur dacht ik dat ze me tot in de herberg zou blijven volgen. Een straatje voor mijn bestemming keerde ze de hoek om. Gracias Señora ik waardeerde je goede inborst maar ik verstond niets van heel je Spaanse retoriek.
Het is hier een propere herberg. Een kamertje met 4 bedden dat ik deel met 3 dames. 2 van hen, moeder en dochter, komen uit Leiden. Al enkele malen deelde ik met hen de herberg. Ook in het Poshel Bilbao hostal lagen ze op dezelfde slaapzaal. Met de dochter lukt het om tot een praatje te komen. De moeder daarentegen is erg afstandelijk en mijd alle contact. Tja ze zal er wellicht een reden voor hebben maar sympathiek vind ik het echter niet. Nu, ze doet maar, zich daarvoor verantwoorden hoeft ze nu ook helemaal niet ! En ik kan me natuurlijk vergissen.
Zojuist een wandelingetje gedaan tot aan het oude havenkwartier. Ook hier staat iedereen op straat aan de cervesserias te socializen. Een massa volk op de been, gedrum in de nauwe straatjes en een hoop oorverdovend straatlawaai. Over de Nervion rivier staat er een metershoge stalen constructie die een gondel van de ene naar de andere kant van de rivier loodst. Enkele autos kunnen er zelfs mee overzetten. Dat had ik nog nooit gezien ! Iets verder mondt deze Nervion uit in de Golf van Biskaje. Tot daar heb ik de rivier gevolgd en ben dan teruggekeerd naar de herberg. Fotootjes trekken is een leuk tijdverdrijf. Sebiet ga ik m'n eten klaarmaken zie ! Een wokschoteltje als entrada en daarna warm ik in de microgolf wat Argentijnse empanadas op. Ik hou het simpel vandaag. Alle dagen restaurant zou niet in lijn liggen met de pelgrimsmodus.
Morgen terug enige bultjes maar niet meer zoals in het begin. Ik zoek tot in Santullan te stappen. Voorzien was Castro Urdiales, een 6 km verder, maar ik vind het er nogal prijzig. Daarna moet ik dat mooiste strand van Cantabrië tegenkomen. Ik ben benieuwd !
Even controleren op de stappenteller-app. 15km afgelegd vandaag, ik geloof er geen blaas van. Met enkel hier wat rond te kuieren brei ik geen 15 km bijeen. Dat appje is maar enkel te betrouwen in de Lage Landen volgens mij. Een opstap aan een trapje geldt voor 72cm op je actieradius. Maar goed, vandaag heb ik de luierik uitgehangen. Ik lag nog wat uit te slapen toen Juan me bij zijn ontwaken wakker maakte. Je ontmoet op een trip zoals deze veel mensen die een rugzakje met zich mee dragen. Niet letterlijk maar figuurlijk. De Juan sprak vloeiend Engels. Ik kon niet opmaken wat er juist mis was gegaan in zijn leven maar het moet iets ergs zijn geweest. Ik gokte op gescheiden van vrouw en kinderen . Ook hij had al een camino gelopen maar nu ging hij zijn tegenslagen wat tegenwind geven met een tocht door Zwart Afrika op de motor te ondernemen. Je komt wat kerels tegen weet je ? 3 keer vroeg ik aan een andere kamergenoot, volgens mij een Amerikaanse snuiter : Where do you come from? Alhoewel niet meer zo jong en vrij veel gelijkenis met het uiterlijk van Popeye the Sailorman, was dit een erg energieke tiep maar hij vermeed telkens een antwoord. Goed mogelijk dat een internationaal opsporingsbericht hem achtervolgt. Goed, dit is dan misschien wat ver gezocht. Jacobus, vergeef me in dit geval deze zwarte redenatie.
Rond 11 uur gisterenavond zond Kasia me nog een berichtje met de boodschap dat ik beslist het strand "La Playa de la Salvage" moest aanlopen. Volgens haar, en zij niet alleen is dit het mooiste strand van de Cantabrische kust. Morgen, hooguit overmorgen tippel ik daar voorbij. Ik heb een blauw vlaggetje geplaatst op m'n GMap kaart. Toffe juffrouw, ze sliep nog toen ik vertrok.
Guggenheim museum heb ik enkel aan de buitenkant bezocht. Er wordt daar kunst uit allerlei strekkingen tentoon gesteld. Best interessant voor kunstkenners maar kunst is voor mij iets dat niet iedereen kan scheppen. Misschien wat hooggegrepen en ook omdat ik er de ballen van versta maar ik kan evengoed Picassos schilderen. Het werk van een klompenmaker noem ik dan weer kunst. Zoiets kan ik niet.
Daarna ging het de richting van het oude stadsgedeelte uit. Sophie had me een kaart van Bilbao bezorgd. Veel volk te zien en iedereen in een uitgelaten stemming. Ik bezocht het oude stadsgedeelte. Een heel mooie overdekte markthal. Er was een wedstrijd aan de gang in de genre van de sterkste mens ! Toen ik er aankwam betrof het een 200kg zware kanonsafuit te heffen op haar achterste met als steunpunt de dissel en daarmee een cirkel rond te lopen. Op 2 man na lukte het niet de cirkel rond te lopen. 1 man kon een kwart cirkel extra presteren maar toen kwam er een forsgebouwde neger mededingen. Sorry, aan die woke toestanden, daar doe ik bewust niet aan mee, maar goed een donkere medemens voor hen die er aanstoot aan nemen. Die gast liep 4 cirkels rond met dat gewicht. Het was dan ook een beer van een vent.
Voor de rest wat sightseeing, een pintje tussendoor en ... het leven is best draaglijk. Voor morgen heb ik geboekt in Potugalete. Zo kan ik de grote etappe afleggen en vermijd ik het te laat komen in de albergue en dus ook het te laat te komen voor een bed. Sebiet ga ik tafelen met Sophie en Kai en nog een paar Duitsers. Sophie is een zot spook, ze komt uit Keulen. Mensen die met hun eigen gebreken en stommiteiten kunnen lachen hebben er bii mij 5 voor. Ik ga afzakken nu. Als er nog iets plezants gebeurt dan weet je het morgen.
Awel, het etentje vond plaats in het oude stadsgedeelte. Die stad bruist. Het ongelooflijk mooie weer heeft hier natuurlijk debet aan. In de straten krioelt het van het volk. 11u 's avonds, jong en oud, geen onderscheid.
Het etentje was lekker, iberisch schweintje mit kartoffelen, het gezelschap sympathiek, daar niet van, maar die Duitse taal ... wat ik beweer is niet mooi maar m'n maag begint er op den duur van om te draaien wanneer ik er naar moet luisteren. Geef mij maar dan de taal van Molière of Vondel. Ik wenste het gezelschap nog een gezellige verderzetting van de avond en teende naar mijn bed. Lana opende voor mij de hoteldeur. Ze ging een sigaretje smoren buiten. Lana leerde ik vanochtend kennen. Ze komt zoals ik uit de koekestad en wandelde haar eerste stuk camino. Op google had ze opgezocht welk het mooiste stuk van alle pelgrimswegen in Spanje was. Google beweerde tussen Irun en Bilbao en haar keus was gemaakt. Volgende keer informeert ze haar beter. Geen idee van de moeilijlheidsgraad zoals ik trouwens heeft ze haar lelijk mispakt. Schluss, ik ga slapen.
Fotokes zijn voor later. Googĺe kan het niet redden.